…Want als Willem op je stapt…

…WANT ALS WILLEM OP JE STAPT…

Starring: Bert, Bob, Dorus, Harry, Hilmar, Koos, Marius, Martin, Walter en Willem. Tourcaptain: Harry.
Vertrek: donderdag 1 juni 2017 om ongeveer 9.30 uur vanaf Jan sr en Loek in Olst.
Terug in Zwolle: maandag 5 juni 2017 om ongeveer 16.00 uur.
Afstand: vanaf Zwolle 1.275 km.

Inleiding:
– De SR is dit jaar in Tsjechië en dat is voor ons te ver. We gaan naar het Sauerland, Assinghausen om precies te zijn. Harry heeft daar een huis gehuurd.
– Jan sr is aan het revalideren, na de operatie waarbij hij een kunstknie aangemeten heeft gekregen. Aangezien Jan het rempedaal nog niet kan bedienen, leek het hem beter om niet mee te gaan. Ons ook. Jan heeft nog geprobeerd of het remmen op zijn BMW wel lukte, maar ook dat ging helaas niet. We hadden sr. er graag bij gehad, ook met een BMW. Mooie motor trouwens, het moet gezegd.
– Martin rijdt mee in de auto. Niet omdat-ie dat leuker vindt, maar omdat-ie z’n kuitbeenspier heeft gescheurd. Dat zit zo: Martin dacht dat-ie na het tanken van z’n motor kon afstappen en weglopen, zonder de zijstandaard uit te zetten. Maar dat kan alleen in films, B-films om nog wat preciezer te zijn. Hoe dan ook Martin heeft de smoor in, want z’n nieuwe motor bevalt hem vreselijk goed. Hij had nog meer zin in onze rit dan andere jaren.
– Marius heeft last van de krammen die nog in zijn borstbeen zitten en houdt Martin gezelschap.
– Simon heeft van één van zijn vingers de pees doorgesneden, met als gevolg dat z’n hand in het gips zit en dus niet kan motorrijden.

Zo al met al begint het, aldus Lineke, behoorlijk op het verhaal van die tien kleine negertjes te lijken. Helemaal als je weet dat:
– ook Walter nogal in de lappenmand heeft gezeten. Maar die kon gelukkig weer rijden.
– Petra & Peter dit jaar op vakantie gingen naar Ierland en daardoor niet met ons meegingen.

Donderdag 1 juni Ik ben om 8.00 uur bij Bob. We rijden direct door naar Loek & Jan sr, waar we verzamelen. De een na de ander komt aan. Hilmar en Walther zullen rechtstreeks vanuit Groningen naar Duitsland rijden. Petra en Emmy zijn speciaal gekomen om ons uit te zwaaien. Loek en Jan sr hebben koffie met gebak. Ook staat op de terrastafel een roemrucht suikerpotje. Het is zo’n potje met aan de bovenkant een zwarte knop. Als je daar op drukt komt de suiker er aan de onderkant uit. Het duurt niet lang of het suikerpotje komt weer ter sprake. Iedereen speculeert over de herkomst. Dan zegt Emmy: “Wij hadden vroeger ook zo’n suikerpotje, maar waar die gebleven is?” Dorus: “Nou, hier op tafel.”


Het suikerpotje

Om 9.30 uur vertrekken we. Harry rijdt voorop en via de wat kleinere wegen komen we uiteindelijk in Lochem en rijden we even later Duitsland in. Daar pakken we de wat grotere wegen totdat we in het Sauerland komen. Het is prachtig weer en Harry heeft een mooie route uitgestippeld. We tanken zoals altijd om de 100 km. Dat zijn toch altijd weer hele happenings. En sta je eindelijk in de rij van de kassa komt de nestor binnen met als openingszin: “Waar is hier het sekreet!”

Aan het einde van de middag rijden we Assinghausen binnen. We komen bij een voorrangsweg. Aan de overkant van de straat ligt een heel groot huis. Harry kijkt me aan en zegt: “Zou dat het zijn?” Ik: “Op de foto stonden de garageboxen volgens mij aan de achterkant.” Harry: “Nee hoor, aan de zijkant, net zoals nu. Weet je wat, ik probeer de sleutel gewoon, dan weten we het.” Harry zet de motor op de standaard, loopt naar de voordeur en doet die met de sleutel open.


Ons huisje…

We bekijken het huis dat Harry heeft gehuurd van een Nederlands echtpaar dat hij kent. De mensen hebben het huis een poosje geleden gekocht en het moet nog worden gerenoveerd, maar dat zal bij ons de pret niet drukken. Ideal Standard mengkranen uit de jaren zeventig, net als sanitair in de kleur Bahama beige. Ik voel me helemaal thuis.
Van oorsprong zijn het drie huizen geweest die in de loop der jaren zijn samengevoegd. We zijn met z’n tienen, maar houden slaapkamers over. Volgens Bert zijn er geen slaapkamers over, want in het dorp is een congres van de Berliner prostituierten en de slaapkamers die over zijn, zijn door hen gehuurd… Er zijn meerdere badkamers, toiletten enz. Het duurt even voordat we er niet meer verdwalen. Maar een prima plek om met z’n tienen te zitten. Harry heeft nog gevraagd aan de eigenaar of het misschien mogelijk zou zijn om een kratje bier koud te zetten. Dat we dat wel heel erg op prijs zouden stellen. En ja hoor, er staat een kratje koud.
We maken een huishoudpot. Martin gaat met nog een paar anderen boodschappen doen, terwijl de rest de spullen van de motor pakt. Degenen die de boodschappen doen komen er achter dat er eigenlijk niets is wat duur is, zolang je de prijs maar door tien deelt… Ik heb een kamer uitgezocht met een te laag balkenplafond. Zolang ik tussen de balken loop is er niets aan de hand…

Na een poosje komen Hilmar & Walter eraan gereden. Ze zijn wat later vertrokken vanuit Groningen en over de snelweg gegaan. Ook zij zoeken een kamer uit.

Tegen zeven uur gaan we naar een restaurant in het dorp, ongeveer honderd meter lopen. Het weer is zo goed dat we buiten kunnen zitten. We eten en drinken er prima. Daarna gaan we weer naar ons huis en gaan nog even in de woonkamer uitbuiken. Als Willem terug komt van de wc zegt Dorus: “Willem als je de volgende keer lekker wilt uitpissen moet je je niergordel even afdoen.” Willem: “Ja, die was ik nog vergeten af te doen.” Heeft-ie een uurtje of vijf met die niergordel om rondgelopen. Zeldzaam.

Vrijdag 2 juni
Om acht uur roept Bert iedereen die nog niet wakker is. In de woonkamer heeft de nestor de tafel al gedekt en is Bert, onze chef de cuisine, druk met de koffierituelen. We kunnen zo aanschuiven. Diverse soorten brood, allerlei beleg, melk, enz. enz. Bert vraagt aan iedereen of ie een gebakken eitje wil, met of zonder spek. Top geregeld!

Om ongeveer 11.00 uur rijden we naar kasteel Waldeck. Het kasteel was eeuwenlang eigendom van de graven van Waldeck. Een dochter, Emma, trouwde met koning Willem III. Kijk, en dat schept toch een band. Vanaf het kasteel heb je een schitterend uitzicht over de Edersee. In 1943 hebben de Britten de stuwdam vernietigd met stuiterbommen. Een vloedgolf met golven van 6-8 meter spoelde door de vallei tot wel 30 km stroomafwaarts.
In het kasteel is een museum over allerlei lijfstraffen. Nou, toen wisten ze er wel raad mee. En in geval van twijfel, gewoon straffen!


De Edersee

Op de terugweg raakt Bert zijn accu leeg. De multimeter geeft aan 0,00 volts. Dat is knap. Er zit dus helemaal niets meer in. Maar Bert maak je niks meer wijs, die heeft gewoon een reserveaccu bij zich die hij erin bouwt. Later zal blijken dat de accu echt compleet vergupt is. Vorig jaar heeft Bert ook al zijn accu vernieuwd. Na maar liefst 300 km. Ook toen had hij een reserveaccu bij zich.
In het verleden heb ik ook nogal eens sores gehad met de stroomvoorziening van de Rode Nachtegaal, maar bij mij was het meestal de dynamo die de geest gaf. Mijn huidige accu zit er al in vanaf mei 2009. Nee, daar kun je helemaal niets van zeggen. Maar, het is er wel eentje met gebruiksaanwijzing, want de vloeistof loopt langzaam van de voorste cel naar de middelste cel en de vloeistof van de middelste cel naar de achterste cel. Ik denk dat het gebeurt als ze op de zijstandaard staat. Dus af en toe hevel ik de vloeistof van de achterste cel over naar de voorste. Hoe dan ook, het blijft een raar verhaal.

De lucht begint donker te worden en als we ergens wat gaan eten begint het te regenen. Als we uiteindelijk weggaan regent het al behoorlijk. Gelukkig hebben we de regenpakken aan. Na verloop van tijd begint het echt te hozen, maar dat duurt niet lang. Als we weer terug zijn in Assinghausen blijkt dat het daar helemaal niet heeft geregend.

We zitten nog even voor het huis, gaan weer eten in hetzelfde restaurant en buiken uit in onze woonkamer.

Die nacht word ik wakker en ga op zoek naar de wc. Ik verdwaal en kom op de kamer van Willem terecht. Die schrikt zich de tandjes. Nou, anders ik wel! Willem zou er de volgende dag o.a. dit over zeggen: “Staat die lange ineens op m’n kamer! M’n horloge liep nog, maar m’n hart stond even stil!”

Zaterdag 3 juni
En weer worden we geroepen door Bert en weer is de tafel gedekt en is er een fantastisch romantisch ontbijt met gebakken eitjes!
Om 11.00 uur rijden we naar het herinneringscentrum Wewelsburg 1933-1945. Het zit in en naast kasteel Wewelsburg. Nadat we het hebben bezocht gaan we even op het terras zitten en besluiten ook even ‘een hapje’ te doen. Nou, diegenen die een hamburger hebben besteld hebben het geweten. Je kon er amper over heen kijken. Gelukkig heb ik iets besteld wat wel een normale portie was.

Als iedereen het uiteindelijk is gelukt ‘het hapje’ naar binnen te werken, rijden we weer verder door het Sauerland en zijn we tegen een uur of vier weer terug in Assinghausen. We gaan even buiten zitten. Wat oude Pinkstergroepverhalen passeren de revue, waaronder het verhaal over Willems nieuwe slaapzak. We sliepen toen op de vloer van de sportzaal van het hotel, omdat er bijna geen kamers vrij waren. De slaapzak van Willem was nogal aan de maat en wij dachten zeker te weten dat Willem een dekzeil van een vrachtwagen had gekocht. Aan het voeteneinde stond namelijk de tekst ‘PAS OP! ZWENKT UIT’. Iemand neemt het voor Willem op door te zeggen: “Maar het was wel een design model, want het was ontworpen door Max Laadvermogen.” Dorus sluit het verhaal uiteindelijk af met: “En je moest donders goed uitkienen waar je ging liggen slapen, want als Willem
’s nachts naar de wc moet en hij stapt op je, dan ben je dood!”

We eten weer in hetzelfde restaurant. Helaas hebben ze maar één visgerecht en om dat nu elke keer te eten, is ook weer zo wat. Ik bestel een vleesgerecht en dat smaakt prima.

Zondag 4 juni
Na weer een heel fijn ontbijt gaan we om 11.30 richting Bad Berleburg. In Frankenberg stoppen we even om te pinnen. Ook een prachtig stadje. We rijden door naar Bad Berleburg. We stoppen bij Slot Berleburg. Het slot heeft ook een terras waar we even gaan zitten. Van internet begreep ik dat er familiebetrekkingen zijn met de Nassauers en dat de banden met het Nederlandse koningshuis nog altijd zeer vriendschappelijk zijn. Die met ons ook.


Die met ons ook.

We rijden weer verder. Harry voorop met een mooie route en af en toe een bui. Het valt allemaal wel mee. Onze motoren lopen nog steeds prima. Wat mij opvalt is dat ik de distributieketting van de Rode Nachtegaal dit jaar en ook vorig jaar niet heb hoeven bijstellen. Of het komt door de nieuwe ketting of door het andere vet dat ik ben gaan gebruiken. Eerst had ik spuitvet, nu van dat dikke vet dat ik er af en toe op smeer met een tandenborstel. Nee, niet dezelfde als waarmee ik m’n tanden poets…

Als we weer terug zijn in ons huis komen we erachter dat het dinsdag erg slecht weer wordt. We besluiten dan ook om op maandag weer terug te gaan. Dat zal namelijk wel een mooie dag zijn.

Die avond eten we weer in hetzelfde restaurant. We kennen de menukaart inmiddels uit ons hoofd. Terug in ons huis gaat het weer verder met allerlei onzin. Zo vertelt iemand, al mopperend, dat er naast de wc-pot is gepist. Willem zegt: “Dat kan ik niet zijn geweest, want ik gebruik altijd een LDP-tje.” Iedereen wil natuurlijk weten wat dat is. “Nou”, zegt Willem “da’s een Laatste Druppel Papiertje.”

Maandag 5 juni
Om 9.30 uur vertrekken we weer richting Zwolle. Het blijft droog en we rijden een mooie route over de grotere wegen. Bij een tankstop nemen Hilmar en Walter afscheid. Zij gaan richting Groningen.

Wij rijden verder, krijgen geen pech en zijn om een uur of vier weer thuis.

Dit bericht is geplaatst in Super Rally (18). Bookmark de permalink.