De klusdag op 27 september 2014 bij H-D club Big V Twins Zwolle

DE KLUSDAG OP 27 SEPTEMBER 2014 BIJ H-D CLUB BIG V TWINS ZWOLLE

Om 9.00 uur ’s ochtends worden de klussers verwacht. De koffie staat klaar en de opkomst is onthutsend groot. Een man/vrouw of twintig. Dat belooft veel goeds, want er is genoeg te doen. Willem vraagt mij om de windveren van de voorgevel te schilderen. En misschien, als er daarna nog tijd over is, ook die van de achtergevel.

Ik ga op zoek naar een ladder. Ik herinner me de ladder die we hadden bij de bouw van het clubhuis. Dat ding was loodzwaar. Ik vermoed dat de fabrikant ook een kwik-fabriekje had en het overtollige kwik gebruikte om zijn ladders mee af te vullen. Zelf heb ik ook al jaren zo’n kwik-ladder, daardoor kon ik er destijds redelijk mee uit de voeten. Maar de kwik-ladder is terug naar zijn eigenaar, onze nestor.
Er moet ergens een andere ladder zijn. Na het nodige zoeken met Arie vinden we de ladder op de eerste verdieping. Dus die moet nog even naar beneden. Nou lijkt dat allemaal eenvoudig, maar niets is minder waar, want we kunnen de bocht naar de trap niet maken. Het lijkt wel alsof we destijds het clubhuis om de ladder heen hebben gebouwd! Ik snap nu ook waarom de inbrekers destijds de ladder niet hebben meegenomen… We proberen van alles, maar het kreng wil er niet door. Een archiefkast staat in de weg. Nadat we een en ander hebben verplaatst lukt het uiteindelijk toch en brengen we de ladder naar beneden. Willem heeft de verf al klaargezet. Schuren hoeft volgens hem niet, alleen even borstelen, dan veeg je de vorige zooi er zo af. Lekker zeggen is dat, want die vorige zooi is er destijds toevallig wel door mij, en Arie, opgeschilderd. En nog wel met ambtelijke precisie.

Ik zet de ladder tegen het pand en begin te borstelen. Inderdaad, je borstelt het meeste er zo vanaf. Daarna het schilderen. Dat gaat lekker, de zon schijnt, dus wat wil je nog meer. Als ik de eerste verdieping bereik zie ik door het raam Willum aan het werk. Ik moet weer denken aan zijn stunt met de schedel. De schedel die hij destijds tijdens de bouw in een grote bult zwart zand had gestopt. Ja, toen had-ie ons mooi te pakken. Totdat we op de schedel het stempel ‘Made in China’ zagen staan.
Ik bons op het raam, maar Willum reageert wijselijk niet. Dus doorbonzen en schreeuwen en ja hoor, na een poosje kijkt Willum op. Ik vraag hem of hij wel werkt volgens de Arbo-voorwaarden, want gezeik met de Arbo-dienst moeten we niet hebben. Er komt een hoop geblaas terug met daarna de hamvraag of ik wel aan de Arbo voldoe. Nou, ik vind van wel…

Een van onze kernleden van de Veluwe zie ik vanaf de trap druk bezig met een enorme gifspuit. Op zijn rug een grote tank met dubieuze inhoud. Hij is overduidelijk erg in zijn sas, want eerst zingt hij uit volle borst het Wilhelmus en daarna volgt het complete oeuvre van The Cramps. Al rockend raast hij over het terrein en af en toe doet hij alsof de gifspuit een microfoonstandaard is… Inderdaad, je kunt het slechter treffen als buitenschilder. Alles wat ook maar een beetje groen is en op de verkeerde plek staat wordt rijkelijk besproeid. Ik zou haast zeggen met ambtelijke precisie, maar dat is in zijn geval een belediging, vermoed ik… Ik moet denken aan de legendarische cultfiguur William Burroughs die in zijn jonge jaren kakkerlakkenbestrijder was en ook zo moet hebben rond geswingd in woningen. Wat er in de grote tank zit weet ik niet, het zal wel een over-de-datum partijtje Agent Orange zijn, of erger. Je ziet de planten al in elkaar krimpen als hij, al rockend, de spuit op ze richt. Een blik van herkenning zal ik maar zeggen.
In een van de gesprekken op onze clubavonden ging het eens over vergunningen. Eén prachtige zin is mij daarvan bijgebleven: “Ja, daar moet je een vergunning voor hebben, maar als je het ’s nachts doet hoeft dat niet…”
Hoe dan ook, het verdelgen van allerlei onkruid gaat hem met een speels gemak af. Al schilderend fantaseer ik over verdere toepassingen, want het is toch zonde als je zo’n talent maar beperkt gebruikt. Opeens weet ik het! Als hij een hele kleine bijscholingscursus volgt kan-ie zo naar Afrika om het Ebola-virus de kop in te drukken. Met zijn enthousiasme moet dat virus in no-time zijn te vernietigen.

Als ik de windveren van de voorkant heb geschilderd begin ik met de achterkant. Het is aan het begin van de middag. Het gaat best snel, maar toch niet snel genoeg, want op een gegeven moment beginnen de anderen op te ruimen. Ik besluit om het schilderwerk af te maken, met als gevolg dat na een poosje iedereen een biertje drinkt, terwijl ik nog op de ladder sta te buffelen. Op zich niet zo erg, tenzij ze bijna onder je ladder zitten en je voorzien van het nodige opbeurende commentaar…

Dit bericht is geplaatst in Harley-Davidson (28). Bookmark de permalink.